donderdag 28 november 2013

35 jaar PKK; beeld van een revolutionaire beweging




Precies 35 jaar geleden, op 27 November 1978 ontstond de PKK, de Arbeiders Partij van Koerdistan. De basis voor de beweging werd al wat eerder gelegd door jonge Koerdische en Turkse revolutionairen, die het niet meer pikten dat de Turkse linkse organisaties, waar ze lid van waren, de Koerdische kwestie niet serieus namen. De revolutionairen, waaronder Abdullah Öcalan, vonden elkaar in linkse studentenbewegingen en begonnen met een propagandacampagne om de Koerdische zaak onder de aandacht te brengen en steun te verwerven. In November 1978 werd de partij geboren op het eerste congres in Lice. Er waren 22 gedelegeerden op het congres. Dat deze nu nog kleine organisatie tot een beweging van miljoenen kon uitgroeien, zullen weinig mensen van het eerste uur hebben kunnen voorzien. Maar er lag potentieel, dat was wel duidelijk.

In die tijd was het Koerdische volk praktisch al geassimileerd door de Turkse staat. Veel mensen waren vergeten dat ze Koerden waren. Er waren eerdere opstanden geweest, maar die werden door de staat altijd in bloed gesmoord. De leiders werden dan vermoord en de opstand ebde weg. Zeker zullen de Turkse leiders ook gedacht hebben dat ze met de PKK hetzelfde konden doen. Ze hebben dat ook constant geprobeerd, ook vandaag nog. Maar de PKK was niet als de eerdere, meer nationalistisch aangelegde bewegingen. De PKK baseerde haar ideologie op het wetenschappelijk socialisme en viel niet in de valkuil van veel andere linkse bewegingen die zich tot een bepaalde stroming rekenden. De partij nam de beste delen van de verschillende stromingen over en bouwde op deze manier een programma dat dynamisch en vernieuwend was. En dit programma begon tot de verbeelding van veel Koerden te spreken. De PKK groeide en werd de Turkse staat een doorn in het oog.

De staat gebruikte geweld om de beweging en haar aanhangers te bestrijden. Maar dit vergrootte alleen maar de kracht van de beweging en ook de sympathie voor de partij onder de Koerden. Tijdens de staatsgreep van 1980, toen de militaire junta de macht overnam, vluchtte de meeste Turks linkse bewegingen naar Europa. De PKK besloot in het Midden Oosten te blijven. De strijd tegen de assimilatie en een vrij Koerdistan moest immers worden voortgezet. Deze strijd, die vooral op een politiek democratische basis werd gevoerd, ging steeds meer levens kosten. Leidende kaders van de PKK werden door de Turkse staat vermoord. Voor de PKK was er nog maar een weg; een weg die al eeuwen de Koerdische verzetsroute was geweest. Deze weg voerde de bergen in. Op 15 augustus 1984 begon de gewapende strijd tegen de Turkse staat en haar handlangers. Een strijd die duizenden levens zou kosten, maar die het Koerdische volk van de ondergang redde. Dat het Koerdische volk nu op kan staan voor haar rechten komt alleen omdat de PKK met haar steeds groeiende leger van strijders deze rechten opnieuw op de agenda plaatste. Vooral dat moet nooit worden vergeten.

De strijd was bitter en bloedig en leidde er ondermeer toe dat grote aantallen Koerdische dorpen werden vernietigd door het Turkse leger. Veel mensen werden vluchteling in eigen land of vertrokken naar Europa als dit mogelijk was. Maar de PKK bleef, zoals de partij vanaf het begin had besloten. Natuurlijk waren er problemen en tegenslagen. De val van de Sovjet Unie bracht veel linkse bewegingen aan de rand van de afgrond. Maar ook deze storm heeft de PKK doorstaan. Vanaf 1993 probeerde de beweging, met Öcalan als architect, een politieke oplossing te vinden. Er kwam een wapenstilstand, uitgeroepen door de partijleiding. Het was de eerste van een hele serie. Maar de Turkse staat had geen interesse en de rest van de wereld al even min. De Turkse staat zag veel meer in een “vuile” oorlog tegen de Koerden, stuurde doodseskaders naar de Koerdische gebieden en liet mensen verdwijnen. Maar ook dit kon de PKK niet tegen houden.

Intussen was de beweging enorm gegroeid, niet alleen in Koerdistan en delen van Turkije, maar ook in Europa. Overal ontstonden Koerdische verenigingen, kranten, tijdschriften en solidariteitsgroepen. Jonge revolutionairen uit Europa, vooral jonge Duitsers, trokken naar de Koerdische bergen om in de guerrilla te vechten. Zij zagen dat de PKK een dynamiek bezat die bij de meeste anderen bewegingen ontbrak. Een ander hoogtepunt was het ontstaan van de Koerdische satelliet zender Med TV, midden jaren 90. Nu hadden de Koerden een stem, een stem die het verhaal van de strijd vertelde zoals de Koerden het beleefden. De Koerdische kwestie werd wereldberoemd. Maar tegenstand was er natuurlijk ook. De Turkse staat, als NAVO lid, hitste Europa tegen de Koerden op. Eerst in Duitsland en later ook in andere landen werd de PKK verboden. Uiteindelijk bleek dit verbod veel minder schadelijk dan gedacht. Steeds meer jongeren, woedend over het verbod, sloten zich bij de beweging aan. Het aantal verenigingen en partijkaders groeide enorm.

Tijdens al deze ontwikkelingen gebeurden er nog twee opmerkelijke dingen. De PKK bracht eenheid onder de Koerden. Andere Koerdische organisaties werden irrelevant of verdwenen gewoon. De PKK leiding had altijd gezegd dat alleen eenheid de overwinning kon brengen. Veel te vaak waren de Koerden tegen elkaar uitgespeeld, en waren zo speelbaal van de vele vijanden geworden. De PKK liet dit niet meer gebeuren. Ook het brengen van eenheid was een zware strijd, met veel slachtoffers. Maar er was geen alternatief, en het werkte. Veel landen, en ook de Turkse staat, al zou men het nooit toegeven, werden bang voor de PKK. De massademonstraties, de hongerstakingen en de festivals waren fenomenen die in het moderne Europa uitzonderlijk waren. Een tweede belangrijke stap, die door Abdullah Öcalan zelf werd ontwikkeld, was de bevrijding van de Koerdische vrouw. De Koerdische maatschappij was op zich vrij behoudend en conservatief, en hierbinnen hadden de vrouwen weinig te vertellen. Dit werd nu anders. Jonge vrouwen trokken nu ook naar de bergen en vormde vrouweneenheden waarmee ze schouder aan schouder met hun mannelijke kameraden tegen het Turkse leger vochten. Er ontstonden overal vrouwenbewegingen opgezet en in leven gehouden door moedige vrouwen, en de emancipatie nam een enorme vlucht. Als de PKK iets heeft bereikt is het wel de bevrijding van de Koerdische vrouw.

Het jaar 1999 vormde in eerste instantie een zwart bladzijde in de geschiedenis van de beweging. Abdullah Öcalan werd in Kenia ontvoerd door Turkse en andere geheime diensten en naar Turkije overgebracht. Dit na een vredestocht door Europa, waarin hij Italië, Rusland en Griekenland aan deed. Hij werd opgesloten op het gevangeniseiland Imrali, waar hij nog steeds verblijft. Eerst kreeg hij de doodstraf, later werd dit omgezet in levenslang. De Turkse leiders dachten dat de ontvoering van Öcalan het einde voor de PKK zou betekenen. Zo was het in het verleden immers met andere bewegingen gegaan. Maar weer hadden ze een verkeerde inschatting gemaakt. De PKK viel niet uit elkaar, hoewel er gevallen van verraad voorkomen. Maar deze kleine verraders, waaronder Osman Öcalan, de broer van de Koerdisch leider, konden de beweging niet vernietigen. Integendeel, de aanhang werd steeds groter, ook via de verschillende legale politieke partijen. Newroz word nu massaal gevierd en de Turkse staat zag zich uiteindelijk gedwongen om met Abdullah Öcalan over vrede te onderhandelen. Dit leidde tot een nieuw initiatief en een nieuwe wapenstilstand in maart van dit jaar. Helaas is het proces niet veel verder gekomen, en deed alleen de PKK concessies. De Turkse staat blokkeert alleen maar, en speelt op tijd. De kans dat men zich hierbij de vingers verbrand is groot. Men blijft de PKK onderschatten, en vasthouden aan de politiek van ontkenning en vernietiging. Maar een heel volk van 40 miljoen kun je niet zo maar vernietigen, en dat zal ook niet lukken met de partij die het volk in de harten heeft gesloten. De Turkse staat zal dit nooit begrijpen; het Koerdische volk is de PKK en de PKK is het Koerdische volk. Dat is de kracht, en dat is ook de dynamiek.

Als we vandaag naar de PKK kijken, 35 jaar na dat congres waarbij maar 22 gedelegeerden aanwezig waren, zien we een zelfbewuste beweging, met een kracht die maar weinig andere linkse organisaties kunnen laten zien. Het is geen beweging uit het verleden, maar een organisatie voor de toekomst die een hele maatschappij voorgoed heeft veranderd. De basis is nog steeds de guerrilla, de jonge mannen en vrouwen in de bergen die de wapens vasthouden. Maar daarom heen staan cirkels van mensen met heel verschillende achtergronden, die de PKK als hun partij zien. Hoe de Koerdische kwestie uiteindelijk zal worden opgelost is vandaag nog niet te voorspellen. Maar wel zeker is dat die oplossing er alleen via de PKK zal komen. Via een partij voor en door het volk. Een ieder die aan deze strijd deelneemt of heeft genomen kan met trots kijken naar de rode vlag met de groene cirkel en de rode ster op een gele achtergrond. Deze vlag heeft heel wat stormen doorstaan. Hij heeft overwinningen gekend en nederlagen moeten accepteren. Maar de kleuren zijn nog net zo fel en helder als op de dag dat hij voor het eerst boven de Koerdische bergen waaide. Voor de martelaren was hij het doodskleed, maar voor het volk is hij de toekomst. Laten we trots zijn op de verworvenheden, en de strijd voorzetten, in welke vorm dan ook, tot de overwinning een feit is.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen