donderdag 20 september 2012

Speelbal van de onwilligen

Het huidige politieke system is gebaseerd op de gedachte dat je je toekomst in handen van anderen legt. Immers je kunt over het algemeen 1 keer in de 4 jaar een gang naar de stembus maken, en daarna kun je alleen maar hopen dat je de juiste vertegenwoordiger hebt gekozen. Dat is de basis van het parlementarisme. Als we kijken hoe het de Nederlandse arbeidersklasse onder dit systeem in de laatste 20 tot 30 jaar is vergaan, zien we dat het van kwaad tot erger is geworden met die vertegenwoordiging. Van de eerder gewonnen verworvenheden is bijna niets meer over.

Laten we even naar de feiten kijken: toen de CPN werd opgeheven, begin jaren 90, was er geen echte arbeiderspartij meer over. Natuurlijk zijn hier en daar wel kleine splinters, maar die maken weinig of geen verschil. De Nederlandse werkers moesten het dus hebben van de PvdA, de rechtse sociaal democratie. Er was vertrouwen in deze partij, maar de PvdA zakte steeds verder weg in het regentendom en de eigen traditionele achterban werd vergeten. Soms per ongeluk, soms met volle opzet.
De PvdA is immers een volkspartij in het centrum, en geen arbeiderspartij. De achterban voelde zich in de steek gelaten en niet gehoord, vooral in de oude arbeiderswijken. Hoe gingen de mensen hier mee om? Er begon een serie van experimenten. In het midden van de jaren 90 stemden veel mensen in de oude wijken op de Centrum Democraten, of andere fascistische groeperingen. De meeste stemmers waren geen overtuigde aanhangers, maar men zocht een uitweg en het racisme van deze partijen klonk aanlokkelijk in teleurgestelde oren. Het ging echt niet alleen maar om proteststemmers.

Al snel kwamen de meesten er achter dat de fascisten niet het echte antwoord waren. Niet alleen waren hun programma’s gewoon pro-kapitalistisch, maar hun vertegenwoordigers waren knoeiers, half criminelen en in veel gevallen zelfs veroordeelden met een strafblad. Weer raakte men teleurgesteld, en in de volgende etappe zette men op de opportunisten vooral in de gedaante van Pim Fortuyn. Fortuyn kreeg niet de kans om zijn kiezers teleur te stellen, wat zeker was gebeurd, want hij werd in Hilversum doodgeschoten. Met hem stierf zijn beweging. Weliswaar niet meteen, maar wel na verloop van tijd.
Het gat werd gevuld door eerst Verdonk en daarna Wilders. Wilders verdrong Verdonk en werd de top opportunist opnieuw met een racistische boodschap, en een fascistische partij in wording, de PVV. Hij kreeg wel de kans om zijn kunnen te tonen als gedoogpartner van Rutte 1, ook wel Bruin 1 genoemd. Zijn steun voor Rutte was geen verrassing want Wilders is een aanhanger van het kapitalisme, weliswaar in een extreme vorm, en komt uit dezelfde stal als Rutte. Hij brak zijn beloften meteen na de verkiezingen, werd steeds asocialer, en trok uiteindelijk de stekker uit Rutte 1 in de hoop hier door een held te worden. Weer had de kiezer het nakijken en met dat held worden wilde het niet echt vlotten.

Nu zwaait men massaal over naar de sociaal democratie, in de vorm van de SP en de PvdA. De steun voor de SP geeft aan dat men hoopt dat een wat radicaler links kan doen wat extreem rechts niet is gelukt en de populisten ook niet voor elkaar kregen. De kans is groot dat zich een nieuwe teleurstelling aan de horizon aan het ontwikkelen is. Immers ook de SP en zeker de PvdA werken binnen het systeem, en willen geen grote maatschappelijk veranderingen. Daarom ook kan de sociaal democratie in zijn geheel nooit de vertegenwoordiging van de arbeidersklasse zijn.
Het is ook te zien in het optreden van partijen als de SP, ze streven of beweren te streven naar veranderingen die binnen dit systeem niet mogelijk zijn. Toch weigeren ze te breken met dat systeem en de heersende logica. Ze denken al meer dan een eeuw dat de het kapitalisme beter kunnen besturen dan de kapitalisten zelf. En al meer dan een eeuw lang werkt dit niet. Je kunt niet met een been in beide kampen staan. Daar zijn de tegenstellingen veel te groot en veel te talrijk voor.

Al ander halve eeuw proberen de werkers zich te emanciperen. Deels is dit gelukt. Veel mensen zijn bewuster en velen zijn mondige burgers geworden. Maar zonder politieke vertegenwoordiging is dit proces niet compleet. Op dit moment is er buiten de sociaal democratie niets te kiezen. Maar als de arbeidersklasse echt de macht in eigen hand wil nemen is er een partij nodig die echt oog heeft voor de noden en wensen van de werkende mensen. Dat kan alleen maar een revolutionaire partij zijn, omdat er gebroken moet worden met het heersende systeem. Pas zo’n partij, gebaseerd op het Marxisme-Leninisme, kan het emancipatie proces compleet maken.
De strijd tussen de klassen zal in de komende jaren alleen maar toenemen, omdat er steeds minder te verdelen is. Deze strijd kun je alleen winnen als je gewapend bent met een revolutionaire partij die niet opzij gaat voor dreigementen en repressie. Zo’n partij zal niet uit de lucht komen vallen, of als een natuur verschijnsel ontstaan. We zullen hem zelf moeten opbouwen en versterken. Daar mee zullen we bewijzen dat het lot in eigen hand nemen geen loze belofte is. Niemand geeft ons iets cadeau en niemand zal de wereld verbeteren als we het niet zelf doen. Daarin schuilt ook de waarde van onze daden. We blijven het zeggen: organiseer en sla terug!

donderdag 13 september 2012

Linkse verantwoordelijkheid ligt nu bij de Partij van de Arbeid

Ondanks alle opiniepeilingen van de laatste maanden leverden de verkiezingen van 12 september een voor Nederlandse verhoudingen wonderbaarlijk resultaat op. Zowel de VVD als de Partij van de Arbeid werden zo groot dat de rest van de partijen tot bijna onbeduidende middenmoters werden veroordeeld. De VVD werd weliswaar weer de grootste met een record aantal van 41 zetels, maar de winst van de Partij van de Arbeid, die op 39 zetels uitkwam, was na de grote achterstand ongelooflijk te noemen. Het geeft zelfs de schijn dat er in Nederland een tweepartijenstelsel aan het ontstaan is. Ook wonderbaarlijk was het feit dat de SP geen enkele winst boekte en op 15 zetels bleef staan. Echt een reden voor een feest was het feit dat de neofascisten van de PVV 9 zetels verloren en er maar 15 overhielden. De rest van de uitslagen deed er niet echt toe. Het CDA storten verder in elkaar en Groen Links kreeg de rekening voor het dubbele Kundus verraad gepresenteerd. Sap verloor 7 van haar 10 zetels en heeft nu nog een marginaal partijtje over.

Het vormen van een nieuwe regering gaat nu een hele klus worden. Het is duidelijk dat in feite de VVD en de PvdA op elkaar zijn aangewezen. Zij hebben samen een stevige meerderheid. Maar of dit gaat lukken is de vraag, want Rutte wil op de oude conservatieve weg door, terwijl Diederik Samsom duidelijk heeft gemaakt dat het roer om moet. Hoe moeten we naar dit alles kijken? Wat er allemaal ter rechterzijde is gebeurd is voor ons van minder belang, dus concentreren we op links. Het is duidelijk dat de Nederlandse arbeiders massaal hun vertrouwen in de PvdA hebben gesteld. Diederik Samsom heeft overtuigend gewerkt. Precies op dit punt is de SP de mist in gegaan. De partij en haar leider Roemer geloofde te veel in de peilingen en waanden zich zelfs al in het Torentje. Daardoor ontstond er een campagne waarbij de SP tegen haar eigen karakter in ging. Tel daar bij op dat Roemer niet bestand bleek tegen snelle veranderingen en leugens in de debatten, en dus weifelend en minder sterk over kwam. Pas in het laatste debat was hij weer een beetje op de oude SP toer. Maar het was te weinig en te laat. Zijn potentiële kiezers vertrokken in looppas naar de PvdA. De SP mag dan nog wel de sympathie van veel mensen hebben, maar daar koop je in het stemhokje echter weinig voor, is intussen gebleken.
Er rust nu dus een grote verantwoordelijkheid op Diederik Samsom en de PvdA. Ze moeten bewijzen dat ze het vertrouwen van de Nederlandse arbeiders waard zijn. De keuze is duidelijk; Samsom heeft gezegd dat hij op een kompas vaart dat moet leiden naar een sterker en socialer Nederland. Meteen na de uitslag verklaarde hij weer dat het roer om moet. Als hij aan deze koers vast blijft houden kan hij het rechts heel lastig maken en zijn deel van de winst opeisen. Wat hij moet voorkomen is dat hij weer afzakt naar het regentendom van ondermeer Bos, die de PvdA aan de rand van de afgrond bracht. De campagne heeft duidelijk gemaakt dat het een fout is om Samsom te onderschatten. Hij weet wat hij wil en heeft zijn kansen op een bijna briljante manier gepakt. Ook heeft hij bewezen dat hij een harde kern heeft, die bij zoveel PvdA prominenten lange tijd afwezig is geweest.

Het gaan dus harde onderhandelingen worden in eerste instantie met de VVD. Op zich lijkt een twee partijenkabinet de meeste kans van slagen te hebben, maar dan is wel de voorwaarde dat Samsom genoeg kan binnen hallen om het vertrouwen van de arbeiders waardig te zijn. Het kan zijn dat de VVD zal proberen om toch ook D’66 of het CDA te betrekken. Het is bekend dat Rutte een voorliefde voor het CDA heeft. Als dit het geval is moet de PvdA de SP betrekken om de balans te herstellen. Het zou dan enigszins gaan lijken op een kabinet van nationale eenheid.
Wat betekent dit voor de Nederlandse arbeiders en de weg naar het socialisme? We zeiden het al eerder; zowel de PvdA als de SP zijn onderdeel van de sociaal democratie. Op dit moment was en is er voor de werkers niets anders te kiezen. Deze keer heeft men besloten dan maar met de traditionele sociaal democraten in zee te gaan en de SP in reserve te houden. Op zich is het goed dat links nu veel meer mogelijkheden heeft dan voor de verkiezingen het geval was, en dat de conservatieve agenda van VVD, CDA en PVV geen meerderheid meer heeft. Rechts zal gedwongen zijn om water in de wijn te doen. Het is aan de PvdA en in een later stadium misschien aan de SP om dit af te dwingen. Maar dat moeten ze natuurlijk nog wel willen.

Zoals eerder geschreven zullen de PvdA en de SP nooit een socialistische maatschappij in Nederland opbouwen. Zij werken binnen de kaders van het huidige systeem en de heersende logica. Hierover mogen we geen illusies hebben. Door de huidige uitslag kun je alleen hopen dat alles een beetje beter wordt. Maar er zijn geen garanties. Wel is er steeds meer ruimte op links om als de tijd juist is een heel andere politiek te gaan voeren. Wij blijven van mening dat Nederland een revolutionaire partij nodig heeft die op basis van het Marxisme-Leninisme gaat werken aan de opbouw van een echte socialistische samenleving. Dat doe je niet door een been in beiden kampen, maar door strijd te voeren voor de radicale veranderingen die hard nodig zijn. In de komende jaren zal de crisis en de kwestie Europa steeds meer bewijzen hoe nodig deze strijd is.

We zitten nu in een tussenfase waarin alleen de sociaal democratie de rechten en de wensen van de arbeiders kan verdedigen en uitbouwen. Het is aan de leiders van de sociaal democratie om te bewijzen dat ze het geschonken vertrouwen op dit moment waard zijn. Mocht dit niet het geval zijn, en de geschiedenis laat hierbij ruimte voor grote twijfels, zal er een beweging ontstaan die van onderaf een andere agenda zal afdwingen. Dan zal onze slogan, “Organiseer en sla terug” volledig tot zijn recht komen.    

dinsdag 11 september 2012

Ga stemmen en Stem Rood!!

Op 12 september neemt Nederland een beslissing over hoe het de komende jaren verder moet. Het is van belang dat iedereen aan die beslissing deelneemt. Wij roepen alle lezers op om the gaan stemmen en om Rood te stemmen. Dit betekent een stem voor de PvdA of de SP. Beiden zullen in Nederland geen socialistische maatschappij na streven, maar het is wel belangrijk dat we een zo links mogelijke regering gaan krijgen. Daarom moet een linkse partij de grootste worden, zodat we rechts de pas kunnen afsnijden in de formatie. Dit is nog maar een kleine stap naar een ander Nederland en een andere wereld. Maar laten we niet vergeten dat ieder gebouw met 1 steen is begonnen, iedere stap is belangrijk. Aarzel dus niet, en maak gebruik van je stemrecht. De crisis overwinnen we alleen door terug te vechten, niet ieder voor zich, maar allemaal samen. Stem dus PvdA of SP, maar blijf gelijktijdig de strijd voeren voor een socialistisch Nederland in een socialistische wereld.

Centrale Redactie Het Rode Vaandel

donderdag 6 september 2012

Even terug kijken (2)

Soms koop je een boek waar je vervolgens jarenlang niets meer mee doet. De tijd om het boek te lezen kan ontbreken, of de juiste tijd is nog niet aangebroken om de inhoud te bestuderen. Dan, jaren later, voel je plotseling een hele sterke neiging om precies dat boek te gaan lezen. Meestal weet je niet waarom, tot dat je bezig bent. Ik kocht de memoires van Sam de Wolff, “Voor het land van belofte” jaren geleden in een tweedehands boekenwinkel. Sam de Wolff was een Nederlandse Marxist die opgroeide in de SDAP en later ook lid was van de PvdA. Kortom, hij was een kind van de Nederlandse sociaal democratie.

Hij was geen makkelijk iemand met sterke principes, en zijn betrokkenheid bij de vele partijtwisten uit die tijd kom je op bijna iedere pagina tegen. Toen ik halverwege het boek was merkte ik waarom ik dit boek juist nu moest lezen. Er kwamen namelijk ervaringen in voor, die nu goed bruikbaar zijn als we willen bepalen waar we precies staan op dit moment. Het boek is geschreven aan het begin van de jaren 50 van de vorige eeuw, en het geeft een goed beeld van het verval van de sociaal democratie. Zo zegt de Wolff op een zeker moment dat de Nederlandse sociaal democratie geen inspirerende leider meer heeft gekend sinds Troelstra.
Volgens de Wolff is Troelstra tijdens zijn leven verkeerd begrepen, en was hij veel meer links gericht dan in zijn daden tot uiting kwam. De Wolff geeft ook aan dat de rechtse leiders van de SDAP uit die tijd nu in de PvdA als extreem links zouden worden gezien. Hij kan het weten want hij heeft ze allemaal meegemaakt; van Schaper tot Bonger, van Wibaut tot Vliegen. Namen die nu nog bij weinigen bekend zijn, maar die een grote rol speelden in de wording van de Nederlandse sociaal democratie. Of de verwording, het is maar hoe je het bekijkt.

Want wat dit boek ook laat zien is dat de sociaal democratie ooit een echte strijdtraditie kende, waar Marxisten een hoofdrol in speelden. Een traditie die het zelfs verbood om minister posten te accepteren omdat men geen onderdeel van het systeem wilde zijn. Zou iemand in de PvdA dit nog weten? Het valt te betwijfelen. Volgens de Wolff zal het Marxisme ooit weer opnieuw een grote rol spelen in de Nederlandse politiek. Een mening die we graag onderschrijven, ondanks het feit dat de Wolff sterk anticommunistisch was. Van de huidige PvdA zal dit natuurlijk niet komen, maar het is niet uitgesloten dat de partij, net als de sociaal democratie in de rest van Europa, wat verder naar links zal opschuiven. Als is het alleen maar om het eigen bestaansrecht te verzekeren.
De Wolff verwachtte een opleving door dat in Amerika een sterke socialistische partij zou ontstaan. Deze voorspelling is niet uitgekomen, integendeel, het meest conservatieve gedachtegoed vindt zijn oorsprong in de VS. We zullen het in Europa dus zelf moeten doen, en dat is maar goed ook. De Wolff is altijd Marxist gebleven en een van zijn specialiteiten was de conjunctuur. Het kapitalisme rolt van de ene crisis naar de andere. Dat is een bekend gegeven. Maar aan het begin van de vorige eeuw, na de Eerste Wereld Oorlog, beweerden de woordvoerders van het systeem dat deze situatie nu onder controle was. Misschien dat er nog wat kleine schommelingen zouden plaats vinden, maar die waren makkelijk te verhelpen, zo beweerde men.

De Wolff zag het anders, en door gebruik te maken van de Marxistische theorie voorspelde hij de grote crisis van 1929. Toen bleek dat er helemaal geen controle was, en dat crisis en oorlog een permanent bestanddeel zijn van het kapitalisme. We zitten nu, in 2012, weer in een diepe crisis en de resultaten van de onderzoeken gedaan door de Wolff zijn nog steeds een glasheldere waarheid. Ook voor de huidige crisis is nog geen uitweg gevonden. Zelfs als dit wel gebeurt, staat de volgende crisis alweer om de hoek te wachten. We zien wel dat met iedere crisis het kapitalisme iets verder wegzinkt in het moeras, wat uiteindelijk de ondergang zal zijn.
De bewering van het systeem dat een crisis nooit meer voor zou komen was dus een leugen. De zoveelste van een systeem dat van leugens, bedrog en illusies aan elkaar hangt. Sam de Wolff had graag in zijn tijd het socialisme tot werkelijkheid zien worden in Nederland. Dat heeft niet zo mogen zijn. In 1960 is hij overleden. Maar de hoop heeft hij nooit opgegeven. En hij zou zeker verbaasd, maar bovenal ook blij zijn, als hij zou zien dat nu, zoveel jaren later, aan zijn ervaringen nog aandacht word besteed. Die aandacht is terecht want van die ervaringen uit het verleden is nog steeds veel te leren.

Het geeft ook een helder zicht op het functioneren van het systeem. Een les die we hier uit kunnen trekken is dat we vaak veel te ongeduldig zijn. Dat is iets wat wij, revolutionairen, allemaal gemeen hebben. We willen de revolutie morgen, of liever nog vandaag. Maar zo werkt het niet. Net als een toneelstuk moet de geschiedenis zichzelf uitspelen. Steeds opnieuw zien we dat de theorie van het Marxisme staat als een huis. Maar de uiteindelijke overgang valt niet te voorspellen. Dit is niet verwonderlijk want systemen hebben elkaar nooit in een korte periode afgewisseld. Daar kunnen eeuwen overheen gaan.
Het enige wat wij intussen kunnen doen is blijven werken en strijden om die wisseling wat sneller tot een realiteit te maken. Sam de Wolff wilde een betere wereld, en dat is nog steeds ons streven. Hij heeft nooit opgegeven, dus heeft hij het recht om van ons hetzelfde te verwachten. Zijn Marxistische erfenis is veilig bij ons.

donderdag 30 augustus 2012

Voetbal is nog steeds van het volk

Overal spreekt het grote geld, en nergens is dat meer zichtbaar dan in het betaald voetbal. Enorme transferbedragen en salarissen die het denkvermogen te boven gaan zijn aan de orde van de dag. Gelijktijdig lopen de schulden van de topclubs enorm op, en op een zeker moment zal ook hier de zeepbel tot ontploffing komen. Het meest recente voorbeeld is Rupert Murdoch, die de TV rechten voor de Ere Divisie heeft gekocht. Murdoch is een voorbeeld van alles wat puur slecht is in het kapitalisme. Voor hem telt alleen geld en het is wel bekend dat hij daarvoor over lijken gaat. Het is dan ook zijn streven dat al het voetbal binnen niet al te lange tijd achter zijn decoders verdwijnt. Een paar wetjes houden dit nu nog tegen, maar de vraag is hoe lang.

Je kunt je afvragen of je je hier druk om moet maken. Toch wel, want voetbal is vanaf haar geboorte een volkssport en in feite een sport van de arbeidersklasse. En dat is nog steeds zo als we naar de tribunes kijken. Dan hebben we het over de gewone vakken en niet de VIP plekken en de skyboxen. Op de tribunes kom je nog steeds de zonen en dochters tegen van de arbeiders die de clubs ooit groot hebben gemaakt. Toch dreigt voor hen het voetbal langzaam aan een luxe te worden die niet meer te betalen is. Want met iedere verandering gaan ook de prijzen verder om hoog. Niet alleen in Nederland, maar ook in de landen om ons heen.
In Engeland, bijvoorbeeld is deze ontwikkeling al veel verder en hebben veel mensen moeten afhaken. Ze gaan nu naar de clubs in de lagere divisies of naar de amateurclubs. Alles om de kosten te drukken. Maar dat is natuurlijk niet de bedoeling. De clubs moeten zich realiseren dat ze zonder hun aanhang totaal nergens zijn. En die aanhang zit echt niet in de skyboxen waar in het algemeen alleen parasieten zich ophouden. Het is opvallend hoe supportersgroepen zich weten te organiseren. De sfeervakken hebben intussen ongekende vormen aangenomen en het zijn de gewone supporters die daar de regie voeren. Daar komt geen clubdirecteur of geldschieter aan te pas.

Maar alleen voor goede sfeer zorgen is belangrijk, maar niet voldoende. Het wordt tijd dat de supporters het voetbal terugpakken van de graaiers. De organisaties die hier voor nodig zijn bestaan in de meeste gevallen al. Ze moeten alleen nog de juiste prioriteiten stellen. Sommige zullen zeggen dat het hierbij om politieke acties zal gaan, en daar zijn de meeste voetbalsupporters niet warm voor te krijgen. Een onzinnige bewering. Toen een paar jaar geleden de fascisten van de Engelse EDL naar Amsterdam kwamen om Wilders te ondersteunen, waren het de Ajax supporters van AFCA die massaal naar het Westelijk Havengebied trokken om duidelijk te maken dat ze dit soort tuig niet in Mokum wilden zien.
Ook in andere landen zie je supporters actief bezig. Bij de Hamburgse club St Pauli bijvoorbeeld, zie je rode vlaggen op de tribune naast de piratenvlag die het logo van de club vormt. De supporters houden het Rode Hamburg van voor de Tweede Wereld Oorlog in ere en hebben hun steun aan veel linkse bewegingen gegeven, ondermeer aan de Ierse vrijheidsstrijd. De Ierse en ook andere politiek hebben ook altijd een grote rol gespeeld onder de Schotse supporters.

Waar het op aan komt is dat de supporters de clubs terug pakken van het grootkapitaal en hun rechten laten gelden. De prioriteit moet dan zijn om het voetbal betaalbaar te houden voor iedereen. Want waar zouden de clubs zijn zonder de trouwe supporters? Precies, nergens. Er is dus veel te winnen. Het wordt ook tijd dat geldhaaien zoals Murdoch de toegang tot het voetbal wordt ontzegd. Figuren als hij denken dat het in het voetbal alleen om ronde dingen moet gaan, waar mee ze harde euro’s bedoelen.
In feite gaat het om een ander rond ding; de bal. En precies die bal willen we nu terug hebben. Anders zijn we straks allemaal veroordeeld tot voetbal kijken in de kroeg. Zover mag het niet komen. Dus laten we de uitdaging aanpakken en laten zien wat fanpower is. Mochten er voetbalsupporters zijn die zich niet met politiek willen bemoeien, is het goed om te weten dat de politiek zich wel degelijk met het voetbal bemoeid. En dat lijkt alleen maar meer toe te nemen, in negatieve zin.

Kijk maar naar de repressieve voetbalwet en de onzinnige combiregeling. Allemaal fanvijandige maatregelen, die om tegenactie schreeuwen. Dus ook in het voetbal en op de tribunes geldt onze bekende leus: organiseer en sla terug!   

donderdag 23 augustus 2012

Stem Rood!!

Zoals in onze beginselverklaring staat te lezen, staan wij voor de oprichting van een revolutionaire partij in Nederland. Op zich is een partij gebaseerd op het Marxisme-Leninisme altijd nodig om de weg te bereiden voor het socialisme, de rechten van de arbeiders op te eisen en te verdedigen. Maar in de huidige crisis situatie, waarin al onze verworvenheden op de helling worden gezet, is zo’n partij absoluut noodzakelijk en zelfs van levensbelang. Helaas is er op dit moment in Nederland nog geen enkele partij die aan bovengenoemde beschrijving voldoet. Toch komen er op 12 september verkiezingen en zullen wij een keuze moeten maken uit die partijen die nu aan de stembusgang deelnemen. Laten wij voorop stellen dat geen van de deelnemende partijen de socialistische samenleving zal realiseren zoals wij die voor ogen hebben. Alle deelnemende partijen hebben zich verbonden aan het huidige systeem, en zullen het kapitalisme op geen enkele wijze ondergraven.

Toch zijn er verschillen in benadering, en wij zijn tot de conclusie gekomen dat het ondanks alles juist is om een stemadvies uit te brengen. Het spreekt voor zich dat we er ook voor hadden kunnen kiezen om niet te stemmen en dat ook te adviseren. In feite dus oproepen tot een boycot. Dit soort geluiden horen we vooral uit anarchistische hoek, en hoewel we begrip hebben voor dit standpunt, kunnen we er toch niet mee akkoord gaan. De beste wijze om met dit soort zaken om te gaan is door te kiezen voor een klassestandpunt. Als we hier Lenin op naslaan zien we in “De Linkse Stroming” dat Lenin geen voorstander is van het totaal afstand nemen van het parlement. Zijn standpunt is dat wij, als revolutionairen, overal vertegenwoordigd moeten zijn, ook onder de moeilijkste omstandigheden. Zo kunnen we de beweging op straat ondersteunen en een platform bieden voor onze revolutionaire politiek.
Het spreekt vanzelf dat Lenin ook niet geloofd dat het parlement een andere samenleving gaat opleveren. Het is een middel dat onderdeel vormt van het grote werkterrein dat ons uiteindelijk naar een socialistische samenleving zal brengen. Voor Lenin is onthouding en afstand nemen in de meeste gevallen geen optie. De reden hiervoor is dat het totaal afwijzen van de mogelijkheden die het huidige systeem biedt sektarisch is en tot isolatie leidt. Immers, de grote meerderheid van de arbeidersklasse heeft het vertrouwen in het parlementaire systeem nog niet verloren. Voor een deel overigens wel in de politiek. Als we Lenin volgen moeten we dus wel kiezen, maar zonder onze principes op te geven.

Als we dan een stemadvies moeten geven, moeten we kijken welke partijen de rechten en de verworvenheden van de arbeidersklasse het beste verdedigen en vertegenwoordigen kunnen. Onze keuze met kritische kanttekeningen komt dan uit op de Partij van den Arbeid en de SP. Beide partijen zijn naar onze mening onderdeel van de sociaal democratie. Wij verklaren onze keuze op de volgende wijze: de SP zal zich zeker verzetten tegen de dictaten van de EU en proberen om toch nog enigzins de rechten van de mensen in stand te houden. De partij staat niet voor een andere samenleving, en plaatst zich niet buiten het kapitalisme, maar op cruciale punten zal men toch wel principiële standpunten in nemen.

De Partij van de Arbeid heeft weliswaar een lange traditie als regentenpartij opgebouwd, en onder Bos ging de partij totaal van de rails, maar intussen is er wel een ruk naar links te bespeuren. We hebben ook de indruk dat de PvdA weer wat meer oog begint te krijgen voor haar traditionele achterban. Verder heeft de PvdA nog steeds een bepaalde arbeidersbewegingtraditie en nauwe banden met de vakbonden. De meeste arbeiders die zich politiek inzetten zijn nog steeds in deze partij te vinden. Daarom vinden wij dat wij onder de huidige omstandigheden ook de PvdA moeten steunen. Alle andere partijen vallen wat ons betreft af. Groen Links heeft met haar standpunt over Afghanistan en het deelnemen aan de Kunduzcoalitie iedere legitimiteit als linkse partij verloren en haar eigen achterban verraden.
Het verliezen van die legitimiteit geldt in ieder geval voor de partijleiding, die, verblind door ambitie, een verraderlijke opstelling heeft gekozen. Dit geldt niet voor de leden, maar door zich niet voldoende te verzetten tegen de praktijken van de leiding, dragen zij ook een bepaalde verantwoordelijkheid voor de verwording van de partij. D’66 wordt onder Pechtold steeds meer reactionair en is hard op weg naar het rechts liberale kamp, waar ook Groen Links steeds meer thuishoort. Alle andere partijen, CDA, VVD, Christen Unie en SGP zijn systeempartijen die het kapitalisme vertegenwoordigen en dus gemeden moeten worden. Over de PVV kunnen we kort zijn; deze populistische club is een fascistische partij in wording die een vijand is van de arbeidersbeweging. Blijven nog de ouderen partij en de Partij van de Dieren. Naar onze mening zijn dit one issue clubs die geen enkele oplossing bieden voor de huidige problemen. Een stem op deze partijen is een verloren stem.

Ons advies is dus stemmen op de PvdA of de SP, in de hoop dat hier een zo links mogelijk kabinet uit gaat ontstaan. Meer is er op dit moment niet uit te halen. Toch betekend dit niet dat we de PvdA en de SP kritiekloos moeten volgen. Integendeel, het is van belang om onze stem zo duur mogelijk te verkopen. Dit betekend dat we als kiezers druk moeten uitoefenen op de partijen zodat ze meer aan onze eigen standpunten gaan voldoen. Dit geldt onder meer voor de situatie rond Europa. De SP is kritisch richting Europa, maar niet echt afwijzend, en de PvdA neemt nog steeds een positief standpunt in met betrekking tot de EU.
Wij als kiezers kunnen beide partijen dwingen om de discussie over deze zaken eindelijk serieus te gaan voeren. De sociaal democraten neigen er naar om tegenover de heersende klasse te tonen en te willen bewijzen dat ze een kans om te regeren verdienen. Daar mogen we niet in mee gaan. Onder onze druk kunnen de partijen hun standpunten aanscherpen en eindelijk de heilige huisjes van het systeem loslaten. Dit zal een langzaam proces zijn, maar we moeten niet vergeten dat ze onze stem nodig hebben. Andere onderwerpen die hierbij van belang zijn, zijn de AOW leeftijd en het ontslagrecht.

Deze verworvenheden zijn met veel strijd gewonnen door onze voorouders We mogen niet toelaten dat ze nu zo maar worden losgelaten om het binnenlandse en buitenlandse kapitaal, en niet te vergeten Brussel, te behagen. Nog een punt dat we niet mogen vergeten: de partijen die we onze stem geven neigen er naar om de dag na de verkiezingen alle beloften te vergeten en de verkiezingsprogramma’s in de prullenbak te gooien. We moeten nu al duidelijk maken dat we dit niet zullen accepteren. De partijleiders mogen denken dat ze na de verkiezingen weer 4 jaar alleen heersers zijn. We moeten laten zien dat dit niet het geval is. Mochten ze hun beloften toch weer breken zullen ze tegenover een beweging komen te staan, die vanaf de straat zal opereren. Daar ligt immers toch de macht. We moeten alleen leren die macht opnieuw te gebruiken. De huidige toestand laat geen andere optie.
Dus stem Rood, maar houdt de macht in eigen hand. Het gaat om onze toekomst en het is het waard om daarvoor te vechten. Met alle middelen.

donderdag 16 augustus 2012

Een land van melk en honing?

Door de problemen die we in de kapitalistische maatschappij tegen komen is het soms moeilijk om voor te stellen dat het ook anders kan. Dat we ons leven een hele andere invulling zouden kunnen geven. Vaak komt dan de vraag hoe het zou zijn om in een socialistisch land te leven. Hoe groot zouden de verschillen zijn, en wat zou onze eigen taak en onze eigen inbreng kunnen zijn? Als we dit beeld een beetje realistisch voor ogen willen krijgen, is het belangrijk dat we eerst vergeten wat ons allemaal door het kapitalisme is verteld over het leven in de Sovjet Unie en de andere socialistische landen. Deze bloedsprookjes zijn enorm gekleurd door de kapitalistische propaganda.

Het is immers in het belang van het kapitalisme om het socialisme zo zwart mogelijk te maken, en daarvoor worden alle middelen ingezet. Even vergeten dus, al de onzin die ons sinds het begin van de Koude Oorlog tot de dag van vandaag is verteld. Niet dat er in de socialistische landen geen fouten zijn gemaakt. Natuurlijk was dat wel het geval, en soms waren dat ook erg kostbare fouten. Dat is ook logisch. Overal waar mensen werken worden fouten gemaakt. Laten we eerlijk zijn, het kapitalisme kost iedere dag duizenden en misschien wel tienduizenden levens. Een paar redenen; honger, onderdrukking, een foute omgang met gezondheid en zorg, een foute omgang met de natuur en het milieu, en natuurlijk de nodige oorlogen en andere conflicten die een constant onderdeel van het kapitalisme zijn.
Daar hoor je bijna niemand over, omdat we ons hebben laten aanpraten dat dit alles normaal is, en onderdeel uitmaakt van het gewone leven. Maar dat is een enorme leugen en bestanddeel van de kapitalistische PR machine. Er is een andere manier en die willen we hier in het kort proberen te beschrijven. Laten we voorop stellen dat er geen blauwdruk is van hoe een socialistische maatschappij er uit moet zien. Daar hebben Marx, Engels en Lenin nooit een geheim van gemaakt.

Hoe zo’n maatschappij er uit gaat zien hangt af van de locatie, de omgeving, de bevolking, het klimaat en de mogelijkheden ter plekke. Er zullen dus altijd verschillen zijn in de vorm die het socialisme gaat aannemen. Ook is het zo dat een socialistische maatschappij niet automatisch een paradijs zal zijn waar we alleen maar hoeven te gaan zitten en verder komt alles vanzelf. Dat is een utopie, en daar houden we ons niet mee bezig. Het grote voordeel van de socialistische maatschappij is dat de productiemiddelen in handen zijn van de gemeenschap en dat het winstmotief, dat zo veel schade in het kapitalisme aanricht, verdwijnt.
Taken worden uitgevoerd omdat ze nodig zijn en in het belang van allemaal, niet omdat er geld aan verdiend kan worden. Onderlinge concurrentie is er ook niet meer, dus komt er veel ruimte vrij voor andere dingen. Ondermeer het meedenken en meewerken aan het besturen van het land. Het hoofdmotief is om in de behoeften van de gemeenschap te voorzien. Dit kan perfect, mits er sprake is van een goede planning. Het kapitalisme maakt een planning voor de korte termijn, omdat er constant winst gemaakt moet worden. In het socialisme plannen we voor de lange termijn. Dat geeft stabiliteit en maakt het mogelijk om op de behoeften van de gemeenschap in te spelen. Er zullen er zijn die zeggen dat dit niet mogelijk is. Ze liegen.

Kijk naar de enorme technische mogelijkheden die er nu zijn. We kunnen eigenlijk bijna alles. Alleen worden deze ontwikkelingen onder het kapitalisme gebruikt om winst te maken. Onder het socialisme zal de technologie worden ingezet om de levens van de mensen te verbeteren en makkelijker te maken. Nu worden sommige uitvindingen gewoon afgewezen of verdwijnen in de la, omdat ze geen winst zouden opleveren of de concurrentie zouden beïnvloeden.
Een klein voorbeeld; er is de mogelijkheid om een fietsband te maken die nooit lek gaat, of een gloeilamp die nooit doorbrand. Dit gebeurd echter niet omdat het winstmotief dicteert dat we steeds nieuwe producten moeten kopen. Is het verder bijvoorbeeld nodig dat we uit 20 soorten vla of yoghurt kunnen kiezen? Nee, natuurlijk niet! Toch gebeurt dit, en ook steeds meer omdat de bedrijven ons willen dwingen steeds iets nieuws uit te proberen. Steeds meer consumeren, iedere dag, zelfs in een crisis.

De andere kant van dit onzinnige systeem is dat er in grote delen van de wereld honger en armoede heerst. Dat veel kinderen nooit volwassen worden, maar jong sterven, en dat mensen naar voedselresten en andere producten graven in afvalhopen en vuilnisbelten. Ook iedere dag, en ook steeds meer. Deze mensen hebben geen 20 soorten vla om uit te kiezen. Ze mogen al blij zijn als ze de avond halen zonder dood om te vallen van honger of ziek te worden door gebrek aan schoon drinkwater.
Dat laat de waanzin en de criminele inslag van het kapitalistische systeem zien. Crimineel omdat de aarde een prachtige plek is. Een plek met zo veel producten en mogelijkheden dat we allemaal een goed en gezond leven zouden kunnen leiden. Maar daar zou niet aan verdiend worden, en dan gebeurd het onder het huidige systeem natuurlijk niet. Onder het socialisme is het juist de bedoeling dat we alle mogelijkheden inzetten en gebruiken ten behoeve van ons allemaal. Het spreekt vanzelf dat wij ook zelf daar veel voor moeten doen. Het socialisme is niet automatisch een land van melk en honing.

We moeten een socialistische maatschappij zelf opbouwen, met onze eigen handen en onze eigen hoofden. Maar het verschil is dat we het voor onszelf zullen doen, en niet voor een elite van parasieten die opvreten wat wij produceren. Omdat er geen winstmotief is en dus ook geen uitbuiting, zal iedereen de kans hebben om zichzelf volledig te ontplooien en alle voorhanden zijnde talenten in te zetten. Niet alleen voor jezelf, maar voor het algemeen belang. Ook zal iedereen een taak hebben in het besturen van het land. Dit alles onder leiding van de georganiseerde arbeidersklasse. Het zal een einde betekenen van de vervreemding die miljoenen mensen nu voelen. Onder het kapitalisme worden we geleefd, met als doel het maken van winst. Onder het socialisme leven we met als doel het creëren van een beter leven voor onszelf en de hele gemeenschap.
Weer zullen er zijn die zeggen dat dit alles niet kan, omdat wij als arbeiders niet in staat zijn om dit soort taken te volbrengen. Zij zullen volhouden dar er bazen en hoogopgeleide deskundigen nodig zijn. Dit is totale onzin, en het tegendeel is ook vaak genoeg bewezen. De arbeiders weten over het algemeen veel beter wat er in hun bedrijf gebeurt dan de bazen en de rest van de directie. Het kapitalisme heeft de arbeidersklasse nodig om te kunnen functioneren. Maar wij hebben deze geldparasieten niet nodig. Waarom werken voor deze uitbuiters met uitzicht op nog meer uitbuiting, als we ook voor onszelf en de gemeenschap kunnen werken en iets opbouwen.

De geschiedenis heeft bewezen dat een goed georganiseerd volk, gebruikmakend van een ideologie als het socialisme bergen kan verzetten en wonderen kan volbrengen. Kijk maar naar de feiten. Toen de Sovjet Unie ontstond na de revolutie van 1917 was het een arm, achtergebleven land dat onder de tsaren dom was gehouden. De grote meerderheid van de bevolking was analfabeet en geloofde nog in boze geesten en zwarte magie. Van industrie was nauwelijks sprake en de armoede was onvoorstelbaar. Toen de elite, die verantwoordelijk was voor dit alles, was weggejaagd kon de opbouw beginnen. Het was een enorme strijd met veel tegenstand, zowel van binnen als van buiten, maar de mensen leerden lezen en schrijven, de industrie werd ontwikkeld en de vooruitgang werd uiteindelijk een feit. De offers waren groot maar er werd tegen alles in iets bereikt. Onder de mensen werd de dorst naar kennis zo groot dat zelfs in de donkerste dagen van de Tweede Wereld Oorlog veel mensen honger en koude trotseerden, en naar de bibliotheken gingen om te lezen en te leren.
Het was inderdaad geen land van melk en honing, maar wel een land om in te leven op een manier die eerder nooit mogelijk was geweest. Pas toen de Sovjet Unie vernietigd was realiseerde de mensen zich wat ze hadden verloren. Velen zouden nu terug willen naar die dagen, wat uiteindelijk ook zal lukken want het kapitalisme kan de problemen niet oplossen. Uit nederlagen komen immers altijd weer grotere overwinningen te voorschijn.

Een ander voorbeeld is Israel. Bij het ontstaan in 1948 had het nieuwe land een socialistische inslag die zijn vorm vooral vond in de Kibboets beweging. Ook het gedachtegoed van de Jiddische Bund speelde een grote rol. Met veel hard werken en vasthoudend aan de ideologie werd de woestijn tot bloei gebracht op een manier zo als dat nergens op aarde is gebeurd. De mensen die dit werk volbrachten deden dat niet voor de winsten van een elite, maar voor de gemeenschap en om het land op te bouwen voor iedereen. De ruk naar rechts in de Israëlische politiek, die veel later kwam, heeft veel vernietigd, maar de Kibboetsbeweging bestaat nog steeds en haar ideologie ook. Het was niet voor niets dat de Sovjet Unie in haar tijd en Israel ook vandaag nog wereldleiders waren en zijn in de ontwikkeling van nieuwe technologie en voortgang op onder meer het medische vlak.
Dan is er ook nog Cuba. Een socialistisch land dat in feite totaal is geïsoleerd door de Verenigde Staten, de aartsvijand. Toch heeft de bevolking van Cuba het socialisme niet opgegeven, en zijn de VS er niet in geslaagd om Cuba te vernietigen. Ook hier zien we het voordeel van de kracht van de ideologie. Er is nog veel meer over dit onderwerp te zeggen, maar dat is voor een volgende bijdrage. Vast staat dat het een geweldig gevoel moet zijn om een socialistische maatschappij op te bouwen. Immers, het werk dat wordt gedaan en de successen die worden bereikt zijn niet voor een elite van parasieten, maar voor ons allemaal. En dat maakt een wereld van verschil.